Zorgmodule behandeling

bij angststoornissen

Psycho-educatie
In de vroege behandelfase is het voor patiënten (en hun omgeving) noodzakelijk dat er direct concrete informatie gegeven wordt over de diagnose, prognose, behandelmogelijkheden en verdere informatiebronnen.

Steunende en structurerende begeleiding
Begeleidingsgesprekken gericht op structurering en op praktische problemen. Doelen zijn het verminderen en/of dragelijk maken van de klachten en symptomen van de angststoornis en daarmee de patiënt in staat te stellen op een voor hem meer adequate wijze in zijn leven te functioneren.

Sociale-vaardigheidsgroep
Gedragstherapeutische behandeling van de jongere zelf, waarbij wordt gewerkt volgens de methodiek van onder andere ‘Spelend leren, leren spelen’ en sociale vaardigheidstraining. Het gedragsrepertoire wordt uitgebreid, het probleemoplossend vermogen vergroot en er wordt gewerkt aan het zelfbeeld.

Cognitieve gedragstherapie (CGT)
Communicatieve behandelvorm die uitgaat van de veronderstelling dat emoties en gedrag grotendeels het product zijn van cognities en dat cognitieve en gedragsmatige interventies daarom veranderingen in gedachten, gevoelens en gedrag kunnen bewerkstelligen.

Eye Movement Desensitisation and Reprocessing (EMDR)
EMDR is een geprotocolleerde procedure voor de behandeling van PTSS. De stappen van het protocol hebben tot doel de traumatische herinnering ‘op scherp’ te zetten waarna een afleidende stimulus/respons (bijvoorbeeld door de therapeut uitgelokte oogbewegingen) wordt geïntroduceerd. Via een proces van ‘spontane’ associaties wordt de traumatische herinnering van zijn emotionele lading ontdaan en geassocieerd met een nieuw, functioneel perspectief op zichzelf als persoon.

Ouderbegeleiding/ systeemtherapie
Bij de kinderen gaat de hulp aan een kind vaak samen met ouderbegeleiding. In de ouderbegeleiding leren ouders hoe ze om kunnen gaan met de stoornis van hun kind. Daardoor zijn ze beter in staat om hun ouderschap in te vullen, afgestemd op de specifieke behoeften van hun kind. Bij systeem/gezinstherapie leren de gezinsleden beter met elkaar omgaan; de onderlinge communicatie verbetert.

Medicatie
Aangetoond is dat verschillende geneesmiddelen een gunstig effect hebben op het beloop van de meeste angststoornissen. De beslissing om bij een angststoornis een antidepressivum voor te schrijven, hangt af van de wens van de patiënt, het type angststoornis, ernst/duur van de angststoornis, de mate van subjectief lijden en de aanwezigheid van co-morbiditeit in de vorm van een depressie.

Terugvalpreventie
Patiënten worden alert gemaakt op mogelijke signalen voor terugval. Er wordt geleerd om anders met deze signalen om te gaan dan voor de start van de behandeling. Ook periodieke contacten, in de vorm van telefoongesprekken en het verstrekken van schriftelijk materiaal, kunnen behulpzaam zijn.

Nazorg

De medicamenteuze behandeling kan worden overgedragen aan de huisarts, wanneer een stabiele fase is bereikt.

Verwijzen

Indien nodig, wordt verwezen naar een eerstelijns orthopedagoog of -psycholoog, Bureau Jeugdzorg, andere GGZ-instelling et cetera.